De Standaard van vandaag (21-05-2008) bericht over het grote verschil in resultaten tussen vrije en officiële scholen in Vlaanderen. Deze gegevens moeten vrijgegeven worden en dat er verschillen bestonden, werd ook al lang vermoed. De besluiten die men daaruit trekt vind ik echter wel voor kritiek vatbaar. Ik kan nog volgen in het argument dat decentraal schoolbestuur leidt tot betere resultaten, maar ik vind niet dat je het vrij onderwijs zomaar mag vergelijken met het officiëel onderwijs.

Ten eerste bestaan zowel het vrij als het officieel onderwijs niet uit gehelen. Het vrij onderwijs bestaat voor het overgrote deel uit katholiek onderwijs, maar evenzeer uit vrije scholen die rond een andere godsdienst georganiseerd zijn of de methodescholen. Ook het officiële net is geen blok. Naast het gemeenschapsonderwijs is er ook nog onderwijs van de steden en gemeenten en het provinciaal onderwijs.

Een tweede punt van kritiek betreft de beperkingen/mogelijkheden van deze groepen. Het vrij onderwijs kan en zal veel sneller leerlingen verwijderen uit de scholen omdat ze er niet passen/storend gedrag veroorzaken. Scholen van het gemeenschapsonderwijs bezitten deze luxe niet en worden zo opgezadeld met de leerlingen die men elders niet wenst. Het gemeenschapsonderwijs krijgt/kreeg veel meer middelen waardoor deze scholen voor de leerlingen en hun ouders op financieel vlak voordeliger waren. Dit financiële aspect speelt een zeer grote rol bij ouders en leerlingen met een sociaal economische situatie die minder rooskleurig is.

Misschien is het eens nodig grondig na te gaan hoe de leerlingen scoren op zulke peilingen wanneer er effectief wordt rekening gehouden met deze leerlingkenmerken.

Reageer